Lexplicatie 7.25a; Gaswet

Auteurs:
Beuningen,
KeinemansJongbloed prijs:
€ 59,50
Dit boek is leverbaar en op voorraad
Boek | Ingenaaid | 501 bladzijden | Nederlands
Kluwer | 1e editie | Verschenen in 2011
ISBN-13: 9789013053319 | ISBN-10: 9013053319


Samenvatting
Een geliberaliseerde gasmarkt, betrouwbaar netbeheer, het ‘kleine veldenbeleid’ dat de balansfunctie van het Groningenveld zo lang mogelijk moet bewaren: de Gaswet geeft het wettelijk kader waarbinnen het transport en de levering van aardgas in Nederland plaatsvindt.
Dit Lexplicatiedeel bevat zowel de wet als de uitgebreide uitvoeringsregelgeving. Met kernbeschrijvingen, inleidingen en artikelsgewijze aantekeningen, waarin de auteurs de materie aan de hand van de wetsgeschiedenis en jurisprudentie toelichten.
Serie
Rubriek / NUR
Ondernemingsrecht
Aankomende cursussen omtrent Ondernemingsrecht:
Juridische kalender
Trefwoorden
De volgende trefwoorden zijn opgenomen bij dit boek: Gaswet, Energierecht, 4.210 Nederland
Literatuurlijsten
Wettenbundels
In deze titel zijn een aantal wetten opgenomen waaronder:
- Aanwijzingsbesluit ambtenaren Nma alsmede Staatstoezicht op de Mijnen als toezichthouders
- Besluit aanleg energie-infrastructuur
- Besluit financieel beheer netbeheerders
- Besluit kostenverhaal energie
- Besluit leveringszekerheid Gaswet
- Toon alle wetten die in deze bundel staan.
Recente uitspraken bij deze wetten:
| Datum | LJN | Samenvatting |
| 24-02-2012 | BQ9210 | Wet onafhankelijk netbeheer (Stb. 2006, 614); Elektriciteitswet 1998, art. 10b, 17, 93; Gaswet, art. 2c, 10b, 85. In deze wetten opgenomen ?groepsverbod? en ?verbod op nevenactiviteiten? in strijd met in art. 63 VWEU neergelegde verbod op beperking kapitaalverkeer en derhalve onverbindend? Krachtens Besluit aandelen netbeheerders (Stb. 2008, 62), in verbinding met art. 93 Elektriciteitswet 1998 en art. 85 Gaswet, geldt een absoluut privatiseringsverbod terzake van (aandelen in) netbeheerders. Niet van belang dat verbod niet is neergelegd in wetgeving in formele zin, en evenmin dat Besluit aandelen netbeheerders vatbaar is voor wijziging. Bij beoordeling privatiseringsverbod gaat het om situatie onder geldende wetgeving. Privaatrechtelijke rechtspersonen waarvan alle aandelen direct of indirect door Staat of lagere overheden worden gehouden, behoren tot kring overheid. Verschil tussen onderhavige privatiseringsverbod en constructies in ?gouden aandeel?-zaken; in onderhavige zaak geen sprake van maatregel tot privatisering waarbij overheid bijzondere zeggenschapsrechten behoudt, maar van wettelijke regeling waardoor privatisering algeheel wordt voorkomen. Hoge Raad stelt prejudiciële vragen aan HvJEU met betrekking tot betekenis art. 345 VWEU in geval van een absoluut privatiseringsverbod en de daaraan te verbinden gevolgen. Voorts prejudiciële vraag of doelstellingen om transparantie op de energiemarkt te bewerken en concurrentieverstoring te voorkomen, mede als belangen van niet-economische aard kunnen worden aangemerkt. |
| 24-02-2012 | BQ9214 | Wet onafhankelijk netbeheer (Stb. 2006, 614); Elektriciteitswet 1998, art. 10b, 93; Gaswet, art. 2c, 85. In deze wetten opgenomen ?groepsverbod? in strijd met in art. 63 VWEU neergelegde verbod op beperking kapitaalverkeer en derhalve onverbindend? Krachtens Besluit aandelen netbeheerders (Stb. 2008, 62), in verbinding met art. 93 Elektriciteitswet 1998 en art. 85 Gaswet, geldt een absoluut privatiseringsverbod terzake van (aandelen in) netbeheerders. Niet van belang dat verbod niet is neergelegd in wetgeving in formele zin, en evenmin dat Besluit aandelen netbeheerders vatbaar is voor wijziging. Bij beoordeling privatiseringsverbod gaat het om situatie onder geldende wetgeving. Privaatrechtelijke rechtspersonen waarvan alle aandelen direct of indirect door Staat of lagere overheden worden gehouden, behoren tot kring overheid. Verschil tussen onderhavige privatiseringsverbod en constructies in ?gouden aandeel?-zaken; in onderhavige zaak geen sprake van maatregel tot privatisering waarbij overheid bijzondere zeggenschapsrechten behoudt, maar van wettelijke regeling waardoor privatisering algeheel wordt voorkomen. Hoge Raad stelt prejudiciële vragen aan HvJEU met betrekking tot betekenis art. 345 VWEU in geval van een absoluut privatiseringsverbod en de daaraan te verbinden gevolgen. Voorts prejudiciële vraag of doelstellingen om transparantie op de energiemarkt te bewerken en concurrentieverstoring te voorkomen, mede als belangen van niet-economische aard kunnen worden aangemerkt. |
| 24-02-2012 | BQ9212 | Wet onafhankelijk netbeheer (Stb. 2006, 614); Elektriciteitswet 1998, art. 10b, 93; Gaswet, art. 2c, 85. In deze wetten opgenomen ?groepsverbod? in strijd met in art. 63 VWEU neergelegde verbod op beperking kapitaalverkeer en derhalve onverbindend? Krachtens Besluit aandelen netbeheerders (Stb. 2008, 62), in verbinding met art. 93 Elektriciteitswet 1998 en art. 85 Gaswet, geldt een absoluut privatiseringsverbod terzake van (aandelen in) netbeheerders. Niet van belang dat verbod niet is neergelegd in wetgeving in formele zin, en evenmin dat Besluit aandelen netbeheerders vatbaar is voor wijziging. Bij beoordeling privatiseringsverbod gaat het om situatie onder geldende wetgeving. Privaatrechtelijke rechtspersonen waarvan alle aandelen direct of indirect door Staat of lagere overheden worden gehouden, behoren tot kring overheid. Verschil tussen onderhavige privatiseringsverbod en constructies in ?gouden aandeel?-zaken; in onderhavige zaak geen sprake van maatregel tot privatisering waarbij overheid bijzondere zeggenschapsrechten behoudt, maar van wettelijke regeling waardoor privatisering algeheel wordt voorkomen. Hoge Raad stelt prejudiciële vragen aan HvJEU met betrekking tot betekenis art. 345 VWEU in geval van een absoluut privatiseringsverbod en de daaraan te verbinden gevolgen. Voorts prejudiciële vraag of doelstellingen om transparantie op de energiemarkt te bewerken en concurrentieverstoring te voorkomen, mede als belangen van niet-economische aard kunnen worden aangemerkt. |
| 29-06-2010 | BM9470 | Gaswet |
| 03-11-2009 | BK1790 | Gaswet |